Dit is een blog van Ronald Hoek, Chief Executive Officer bij Blue Radix.

In de afgelopen 10 jaar is het besef van de waarde van data in tal van sectoren enorm toegenomen. Niet in de laatste plaats door de sterke opkomst van dataplatforms en sociale media. Ook in de glastuinbouw is dit doorgedrongen. De autonomous greenhouse challenge, waarvan de eerste in 2018 is georganiseerd, heeft de ogen geopend voor de grote kracht van data in het dagelijks proces in de kas. Ook bij de uitreiking van de Hillenraad TECH50 Awards is dit duidelijk naar voren gekomen.

Een autonome kas bestaat uit veel componenten en domeinen, zoals robotica, sensors en datagedreven installaties, die uiteindelijk allemaal met elkaar moeten samenwerken. Data is daarbij de verbindende factor en dus zeer waardevol. Maar wie is nu eigenlijk eigenaar van die data? En hoe maak je hier afspraken over als teler?

De vraag over het data-eigenaarschap is een hele logische vraag, die veel telers mij stellen als ze aan de slag gaan met autonoom telen met Crop Controller.

Er zijn verschillende businessmodellen rondom data. Hierover is in de literatuur ook het nodige te vinden. Zo hebben de pioniers op dit gebied Hofman en Van ’t Spijker (2013) meerdere patronen beschreven rondom datagedreven businessmodellen. Het is interessant om dit te verkennen en hier een goed beeld bij te krijgen.

Als je deze patronen afpelt, dan blijven er volgens mij in essentie drie modellen over:

  1. Bedrijven, die de data van klanten benutten om er op andere terreinen geld mee te verdienen. Bijvoorbeeld door de doorverkoop van de data, of het aanbieden van aanvullende diensten, die gebaseerd zijn op de data van de klant.
  2. Bedrijven, die de data van klanten gebruiken om de klant te helpen een beter resultaat te realiseren in hun eigen bedrijfsproces.
  3. Bedrijven, die data benutten om de keten, waarin de klant zich bevindt, te verbeteren door beter voorraadbeheer, optimale logistieke processen en een goede aansluiting op de wens van de eindklant.

Blue Radix kiest nadrukkelijk voor het 2e model: het benutten van de data van de klant voor het verbeteren van het eigen bedrijfsresultaat van de klant. Er is echter een uitzondering. Als de klant zelf besluit om de data, die door Blue Radix benut en gegenereerd wordt, te delen met anderen. In de glastuinbouw kan dat leiden tot bijvoorbeeld verbeteringen van teeltstrategieën of optimalisatie van gewasbescherming. Bedrijven met meerdere locaties kunnen over de locaties heen het teeltresultaat verbeteren door te leren van succesvolle strategieën. Of binnen telersverenigingen kan ervoor gekozen worden om samen een stap verder te komen. Dit is altijd mogelijk. Mits de teler hiervoor zelf expliciet kiest. Hiermee raken we ook model nummer 3.

Als teler is het belangrijk om duidelijke afspraken te maken over het gebruik van data met de dienstverlener. Zo is bijvoorbeeld het dataprotocol van Glas 4.0 een paar jaar geleden geïntroduceerd en in Nederland gedistribueerd via telersverenigingen naar de telers. Dit protocol regelt heel helder de afspraken tussen de dienstverlener en de teler. Waar mag de data voor gebruikt worden? En waarvoor ook niet? En wat gebeurt er met de data als de dienstverlening stopt? Dergelijke afspraken maken het duidelijk en zorgen ook voor vertrouwen tussen de partijen.

De data waarover je als teler nu beschikt is van waarde, op het gebied van autonoom telen en voor verbetering van JOUW bedrijfsresultaat. Maak duidelijke afspraken met jouw dienstverlener, zodat je met vertrouwen data kunt inzetten voor het optimaliseren van processen en nieuwe innovaties.

Heb jij goede afspraken gemaakt? Ben jij de baas over het gebruik van jouw data?

Wil je meer weten over hoe jouw data nog meer tot waarde kan komen en welke afspraken je hierover kunt maken? Dan gaan we graag het gesprek aan.